Vandaag zag ik een jongen en een meisje hand in hand op de metro. Hij had een tatoeage in zijn nek en zij droeg een rode hoofddoek en plots besefte ik dat als zij een wereld van vooroordelen konden overbruggen, de 800 kilometers tussen Berlijn en Beringen best verwaarloosbaar zijn. Maar dat betekent niet dat de vijf Berlijnse dagen met Het Lief niet heerlijk waren.
Het was de eerste keer dat ik iemand aan de luchthaven moest afhalen. Ik moet zeggen dat we er misschien niet zo perfect uitzagen als de mensen in de openinsgsscene van Love Actually, maar het moment was in ieder geval perfect. Eigenlijk zijn vijf dagen te kort na vier weken apart, maar het was in ieder geval genoeg om hem Berlijn te laten zien. En als je met je lief hand in hand langs de Brandenburger Tor kan wandelen, maakt het niet uit dat je die weg al zo vaak gedaan hebt. Dan maakt het niet uit dat je voeten en rug 's avonds pijn doen, want je kan ze een hele nacht samen laten uitrusten in een bobbelig bed. Om dan de volgende dag samen te ontdekken dat kraakpanden ware schatten kunnen verbergen en dat Potsdamer Platz plots voorzien is van een skipiste (na Paris, je t'aime en New York, I love you nu ook een Berlin, ich liebe dich ?).
Op de dag dat hij terug naar huis ging, kwam er gelukkig nog meer bezoek van het thuisfront, wat me een beetje kon afleiden. De lekkere sushi aan Hackescher Markt en de cheesecake van Starbucks speelden misschien ook een rol. Maar toen ook dat bezoek zaterdagavond terug op de metro naar de luchthaven stapte, besefte ik dat ik thuis wel mis. De mensen, de taal, de straten, mijn lievelingsplaatsjes in Leuven. Maar aan de andere kant heeft Berlijn Streuselkuchen en mensen waarmee je uit het niets een vlucht naar Oslo boekt. And you go ahead and try to beat that.